6u52

Onze Mening: Jaartje Ouder

Ouder worden, dat kan op twee manieren. Je hebt van die mensen bij wie de scherpe kantjes met de jaren langzaam aan alleen nog maar wat puntiger worden. En je hebt van die mensen bij wie de berusting plots toeslaat.

De eerste groep durft zich al wel eens beginnen te ergeren. En die begint zich met de jaren ook om meer en meer dingen druk te maken. En als de irritatie dan zo hoog oploopt, dan moet er iets op papier worden gezet.


Ook hier op de redactie krijgen we geregeld van die brieven of mails. En we moeten daar eerlijk in zijn. Niet altijd onterecht. Niets menselijks is ons journalisten vreemd, hoewel sommigen daar misschien wel eens anders over denken. Dus ja, ook wij durven al eens een foutje maken.


Maar niet bewust, zoals die 6-jarige dacht, toen hij mij enkele jaren geleden de vraag stelde: “Papa, jij bent toch journalist? Moet jij dan ook dingen schrijven die niet juist zijn?” Ik heb hem vergeven. En net niet onterfd. Maar hij moet de komende jaren toch nog een beetje op zijn tellen passen.

 
En ik heb hem toen vooral ook verteld dat de waarheid nooit zwart of wit is. Maar dat daartussen heel wat grijs zit. En dat het maar de vraag is hoe je de dingen bekijkt om te zien hoe donker of licht dat grijs nu precies is.


Bovendien is niet alles de schuld van de journalist. Je zou je trouwens ook kunnen afvragen of het nog toeval is dat teksten schrijven de hoofdbezigheid is van het journaille. Maar dat is dan weer een heel andere discussie.


Daarnaast is er dus ook die tweede groep. Die gaat de discussie liever uit de weg en haalt bij al dat nieuws zijn/haar schouders op. Denkt er het zijne/hare van. Misschien ontsnapt er zo binnensmonds wel een lichte vloek. Maar gaat dan vooral gewoon gezellig door, want weet: “Ach, ooit komt altijd alles goed.”

 

Pure Kunst

 

Het afgelopen jaar was er wel wat om ons aan te storen of om de schouders over op te halen. Het begon een jaar geleden nog met simpele kolder. Met een koppel hier in Herenthout dat als eerste in quarantaine moest. Quarantaine, een woord dat we toen alleen maar kenden vanuit een woordenboek. Het beeld van het koppel achter het luikje van hun voordeur is intussen nationaal erfgoed. Wat moesten we toen nog lachen met dat gekke mondmasker.


Alleen werd de kolder met het mondmasker met de dag, met de week, met de maand meer realiteit. En tegelijk ook absurder. Surrealisme dus, van de zuiverste soort. Met als climax nu, een jaar later, de oproep om de mondmaskers die we eerst niet mochten dragen, toen niet konden dragen, wat later moesten dragen, nu toch maar beter niet dragen. In het land van Magritte is zoiets toch pure kunst. Niets om je over op te winden.


Dat het niet altijd onmiddellijk van een leien dakje loopt, is natuurlijk ook wel te begrijpen. Alle begin is moeilijk. Altijd duiken wel ergens kinderziektes op. Niet meer dan logisch dat het wel even duurt voor je goed georganiseerd bent om mensen massaal te testen. En dat het opsporen van contacten niet zo simpel is als het voor een simpele ziel lijkt.


Als je dan een beetje van slechte wil bent, dan zou je kunnen zeggen: hebben we daar nu, een jaar later, nog niets van geleerd voor het organiseren van de vaccinatiecampagne? Hoe is het mogelijk dat mensen niet opdagen voor hun prikje, zoals in Weelde? En dat we zelfs moeten raden naar de reden. Te laat een brief gehad? Niet duidelijk hoe we een afspraak kunnen verzetten? Of al een inenting gehad?


Maar als je het allemaal niet zo donker ziet, dan kan je ook concluderen: ieder heeft recht op zijn eigen kinderziektes. De vaccins laten toch op zich wachten, dus waarom zouden we ons eraan storen dat nog niet alles op punt staat. En we zijn al zeker geen ezels, als die zich maar 1 keer stoten aan dezelfde steen.

 

Perspectief

 

Of heeft het toch te maken met die vaccin-twijfel? Viroloog Marc Van Ranst zag zich alvast genoodzaakt om het goede voorbeeld te geven in Willebroek en liet zich gewillig inspuiten met dat ‘slechte’ vaccin.


Intussen is wel duidelijk dat het rijk van de vrijheid niet voor morgen is. Eerder iets voor over een maand. Of doe er voor de zekerheid misschien nog eentje bij. Dat we daardoor met zijn allen wel op ons tandvlees zitten, is zo zoetjes aan het grootste understatement sinds Noach, u weet wel die uit de Bijbel met zijn Ark, zei: “Er komt precies wat regen aan.”


Het is dan ook te begrijpen dat almaar meer groepen aan de Klaagmuur staan: van studenten, over cafébazen tot kunstenaars… Allemaal hebben ze, en we, het wel gehad met al die regeltjes die ons leven aan banden leggen. En dat nu al een jaar lang.


Allemaal snakken we naar een perspectief. En een tweede zomer op rij zonder zware gitaren in Dessel is niet meteen het perspectief dat we dan bedoelen. Alleen zien ze in de ziekenhuizen, van de Kempen tot in Bonheiden een ander perspectief opdoemen: dat van een derde golf. Want de bedden liggen stilaan weer vol. Vooral dan wel met jongere mensen. Wat ook weer iets zegt over de vaccins misschien.


En dan kijken we allemaal met een zekere afgunst naar de andere kant van het Kanaal waar ze al genoeg spuitjes hebben gezet voor heel België. En naar onze noorderburen, waar ze het woord ‘versoepelingen’ al wel weer in de mond durven nemen. Maar dan mogen we niet vergeten dat de lockdown in die landen, net als in Frankrijk en Duitsland bijvoorbeeld, nog altijd veel strikter is.


Kortom, tussen al dat donkere grijs, is er eigenlijk toch ook wel een beetje licht. De afgelopen dagen, zelfs heel letterlijk, met dat mooie lenteweer. Laten we daar vooral dan van genieten!


Ik heb precies het gevoel dat ik een jaartje ouder word.

 

De hoofdredactie