Partnerartikel

Wat blijft er over van uw spaargeld?

Belgen sparen graag. Op gereglementeerde spaarboekjes staat al jarenlang meer dan driehonderd miljard euro, zo blijkt uit cijfers die de Nationale Bank van België maandelijks bijhoudt. Voor velen voelt het spaarboekje als de veiligste bestemming voor hun spaargeld. Het bedrag blijft staan, het kan op elk moment worden opgevraagd en de eerste schijf interesten blijft vrijgesteld van roerende voorheffing. Toch is dat beeld onvolledig. Het bedrag veranderde de voorbije jaren nauwelijks, maar de koopkracht ervan wel.

De stille kost van koopkrachtverlies

Tussen 2019 en vandaag stegen de prijzen in België met ongeveer 25 procent in totaal, met een piek van bijna tien procent op jaarbasis in 2022. De spaarrente bleef bij heel wat banken jarenlang steken rond een halve procent of zelfs minder, en kon dat tempo niet bijbenen. Wie in 2019 €50.000 op de rekening had staan, houdt vandaag reëel nog ongeveer €40.000 aan koopkracht over. Zonder dat het saldo zichtbaar veranderde, ging zo'n €10.000 aan koopkracht verloren.

Waarom Belgen zo lang aan het boekje vasthielden

De voorkeur voor het spaarboekje is cultureel gegroeid. Vertrouwen in tastbare zekerheid, herinneringen aan beurscrises en de fiscale aantrekkelijkheid van vrijgestelde interesten speelden allemaal mee. Daarbij komt dat veel Belgische particuliere beleggers historisch beperkt gespreid zijn. Het gemiddeld vermogen van een Belgisch gezin bedraagt €286.250, waarvan ongeveer 51% in de eigen woning zit. Van het financiële vermogen staat circa 11% op spaarboekjes, tegenover slechts 8% in directe beleggingen zoals aandelen, obligaties en fondsen. Beleggen blijft daarbij sterk geconcentreerd: de tien procent rijkste Belgen bezit samen ongeveer 80% van alle beursgenoteerde aandelen in het land.

Spreiden voorbij sparen en stenen

Dat beeld is aan het verschuiven. Steeds meer Belgen verkennen bredere alternatieven. Aandelen, obligaties en vastgoedfondsen liggen voor de hand en deze categorieën bewegen vaak mee met de economische cyclus. Wanneer markten stress vertonen, zoals in 2008 of 2020, dalen meerdere beleggingscategorieën regelmatig tegelijk. Edelmetaal valt daar grotendeels buiten. Goud heeft geen onderliggende onderneming, geen schulden en geen bestuur dat kwartaalcijfers moet voorleggen. Het is een schaars, fysiek goed dat wereldwijd wordt erkend. Ook centrale banken houden er om die reden grote voorraden van aan. De Nationale Bank van België bewaart 227 ton goud, deels in Londen en Ottawa en deels in Bazel bij de Bank for International Settlements. Voor particuliere beleggers werkt dezelfde logica op kleinere schaal. Een belangrijke reden waarom veel Belgen fysiek goud kopen is om meer spreiding te realiseren en om een deel van het vermogen buiten het banksysteem te plaatsen. Niet als hoofdcomponent, maar als tegenwicht.

Papier of tastbaar bezit

Wie kiest voor edelmetaal, kan dat grofweg op twee manieren doen. De eerste route loopt via financiële producten zoals trackers of ETF's. Dat kan praktisch zijn voor wie snel wil kunnen aan- en verkopen. De tweede route is fysiek goud of zilver, waarbij het metaal juridisch op naam van de eigenaar wordt geregistreerd. Het verschil lijkt klein, maar is fundamenteel. Een tracker is een contract binnen een fondsstructuur, met een tegenpartij die het onderpand beheert. Fysiek toegewezen metaal is daadwerkelijk bezit. Voor langetermijnspreiding kiezen veel beleggers daarom bewust voor die tweede route. Wie edelmetaal wil kopen, komt al snel bij gespecialiseerde partijen terecht. Doijer & Kalff bijvoorbeeld bestaat sinds 1825, opereert onder AFM-toezicht en biedt opslag in een beveiligde Zwitserse kluis, waarbij het LBMA-gecertificeerde metaal juridisch wordt toegewezen aan de eigenaar.

Spreiding als kompas, niet als gok

Het spaarboekje blijft een vertrouwde plek. Voor lopende uitgaven, een reserve voor onverwachte kosten of een buffer voor de korte termijn doet het zijn werk. Maar voor wie aanzienlijke bedragen voor de lange termijn opzij wil zetten, dringt zich een andere vraag op: in welke vormen wordt mijn vermogen aangehouden, en hoe afhankelijk ben ik van één bouwsteen? Het antwoord verschilt per situatie. De logica is echter universeel. Vermogen beschermen draait zelden om perfecte timing, en vaker om structuur. En die structuur vraagt om meer dan één bouwsteen.