Intensieve therapie levert ook lang na dwarslaesie of beroerte nog duidelijke vooruitgang op

© Brigitte Storms

Personen met een dwarslaesie of een beroerte kunnen zelfs lange tijd na het letsel nog duidelijke vooruitgang boeken dankzij een intensief en gepersonaliseerd behandelingsprogramma. Dat blijkt uit de INTeRAcT-studie met 101 patiënten, een initiatief van To Walk Again vzw dat werd gefinancierd door het RIZIV.

De resultaten tonen aan dat deelnemers niet alleen persoonlijke doelen bereiken, maar ook zelfstandiger worden en een hogere levenskwaliteit ervaren, met effecten die tot minstens negen maanden na de behandeling aanhouden.

Het onderzoek werd uitgevoerd door AZ Herentals, KU Leuven, VUB en To Walk Again. Voor het eerst werd een dergelijk intensief programma wetenschappelijk onderzocht, wat de deur opent naar een mogelijke terugbetaling van de therapie in de toekomst. Intensief en volledig op maat

Intensief revalidatieprogramma

De therapie bestond uit een intensief revalidatieprogramma van 90 uur, gespreid over drie weken. De deelnemers trainden vijf dagen per week, telkens zes uur per dag. Voor elke patiënt werd een individueel behandelplan opgesteld, afgestemd op persoonlijke doelen en uitgevoerd met een-op-eenbegeleiding. Het programma combineerde kinesitherapie, training met technologie, cardio- en conditietraining en zelfmanagement. Alle deelnemers werden gedurende negen maanden opgevolgd.

© Brigitte Storms

De studie wilde in de eerste plaats nagaan of deze aanpak klinisch en praktisch relevante voordelen opleverde. Volgens Marjan Coremans, doctoraatsstudente en coördinator van de studie, is dat duidelijk het geval. “Het antwoord op die vraag is duidelijk ja”, zegt ze. “De deelnemers aan de intensieve therapie behaalden vooropgestelde doelen, waardoor ze niet alleen meer zelfstandigheid kregen, maar er ook qua levenskwaliteit op vooruit gingen. Deze sprong vooruit was zichtbaar na het programma van 3 weken en bleef gerealiseerd in de volgende 9 maanden.”

Geen extra vermoeidheid, wel mentale boost

Opvallend is dat de intensieve aanpak niet leidde tot meer vermoeidheid in vergelijking met de controlegroep. Integendeel, deelnemers rapporteerden ook een mentaal effect. “Ze halen aan dat ze door die intensieve training naast een fysieke ook een mentale boost krijgen. Daardoor nemen ze bepaalde zaken die moeilijk liepen in hun dagelijkse leven weer meer in handen”, aldus Coremans.

Kosteneffectiviteit nog niet bewezen

Een tweede belangrijke onderzoeksvraag ging over de kosteneffectiviteit van het programma. Wegen de kosten van de intensieve behandeling op tegen de gezondheidswinst? Volgens professor Koen Putman (VUB) kan die vraag voorlopig nog niet positief worden beantwoord. “Op een termijn van 9 maanden blijkt dat de meerkost van een dergelijk behandelingsprogramma niet wordt gecompenseerd door een voldoende grote toename in levenskwaliteit en/of afname van kosten door een vermindering van nodige zorg in die 9 maanden”, stelt hij.

“Mocht blijken dat de winst in levenskwaliteit voor een langere periode behouden blijft of dat er een afname wordt gemerkt in zorgkosten over een langere periode, dan kan de nieuwe behandeling kosteneffectief worden. Maar daarvoor is het nu nog te vroeg om te besluiten.”

Vervolgstudie moet langetermijneffecten aantonen

Om die langetermijneffecten beter in kaart te brengen, komt er een vervolgstudie, opnieuw met steun van het RIZIV. Professor Geert Verheyden (KU Leuven), die het wetenschappelijke luik van de studie leidde, zal ook deze vervolgstudie coördineren. “We willen weten of de positieve evolutie tussen de therapie en 9 maanden zich nog verder zet de maanden en jaren nadien. We geven de deelnemers opnieuw de behandeling van 90 uren en willen verder bestuderen wat de goede frequentie is van een dergelijke therapie en wie het best reageert. Ook de gezondheidseconomische impact kunnen we beter inschatten wanneer we deelnemers een langere periode kunnen volgen.”

Nauwe samenwerking met kinesitherapeuten

Ook de vaste kinesitherapeuten van de deelnemers werden actief betrokken. “Mede dankzij revalidatiecentra en kinesitherapeuten hebben 366 mensen zich opgegeven voor deze studie en konden we 101 deelnemers selecteren”, zegt Thomas Caers van To Walk Again. “Zij zijn immers geen homogene groep die we via één vereniging konden aanspreken. De thuiskinesitherapeuten werden daarom betrokken bij het project, zodat zij nu met de aangepaste oefeningen verder aan de slag kunnen gaan.”

Stap richting mogelijke terugbetaling

Vandaag wordt een intensieve therapie zoals die in de studie nog niet terugbetaald. De resultaten van de INTeRAcT-studie en de geplande vervolgstudie moeten het RIZIV helpen beoordelen of en onder welke voorwaarden dat in de toekomst mogelijk is. “Dat is het uiteindelijke doel van alle partners van de studie”, besluit dr. Filiep Bataillie, hoofdarts van AZ Herentals. “De positieve resultaten van de studie geven hiervoor alvast dankbare input.”